GEMEENTE DEURLE (Sint-Martens-Latem)

Deurle

Deurle is een dorp in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen en een deelgemeente van Sint-Martens-Latem. Deurle ligt aan de Leie. Tot 1977 was het een zelfstandige gemeente. De naam Deurle is wellicht afkomstig van het Middelnederlands. "Deur" zou een verbastering zijn van "dor" hetgeen afgeleid zou zijn van "doort", of "dolik" hetgeen een soort gras dat tussen het koren opschiet, zou betekenen. "Lo", is dan weer een bosje op een zandrug. Het zou dus een dorp zijn waar dolik groeit in de magere velden, en op een zandrug een bosje staat.

Bezienswaardigheden
In Deurle ligt het Museum Dhondt-Dhaenens met de kunstverzameling van Jules en Irma Dhondt-Dhaenens. Verder liggen hier het Museum Gust De Smet (in het voormalige woonhuis van de kunstenaar) en het Museum Leon De Smet. Meubelontwerper en designer Maarten Van Severen bouwde er voor de tweelingbroers Boxy een keukenpaviljoen in de oude tuin (Villa Rustoord 1904) van schilderes Jenny Montigny, leerlinge en minnares van Leieschilder Emile Claus.

De Sint-Aldegondiskerk van Deurle is van baksteen en gebouwd in neoromaanse stijl. Het interieur is neoclassicistisch. Op het kerkhof liggen verschillende bekende kunstenaars begraven, waaronder Gustaaf De Smet, Leon De Smet, Xavier De Cock, Albert Claeys, Piet Bekaert en Luc-Peter Crombé. Ook de schrijver Gaston Martens is er begraven.

Sinds lang uit het dorpsbeeld verdwenen is de molen van Deurle. Ze werd gebouwd omstreeks 1592 en stond op de hoogste punt van het dorp, de Molenberg. Op 2 november 1918, negen dagen voor de wapenstilstand, werd hij door vier Duitse millitairen uit Bremen opgeblazen. Schrijver Cyriel Buysse kocht de Molenberg van de laatste molenaar, Serafien De Baere. Buysse liet een nieuwe, kleine staakmolen optrekken die men gebruikte als graan- en waterpompmolen. Daarnaast bouwde hij een paalwoning, waar hij menig roman neerpende en zijn literaire vrienden ontving. Het molentje wacht anno 2010 op restauratie.